maandag 7 mei 2012

Hij is er altijd voor ons.

opdat niemand in verwarring gebracht zou worden in deze verdrukkingen. Want u weet zelf dat wij hiertoe bestemd zijn. 1 Thessalonika hfdst.3 vers 3. De gelovigen van Thessalonica ondervonden, net als paulus en vele andere gelovigen, verdrukking van de ongelovige en Joodse wereld om hen heen – maar eigenlijk van Satan zelf: de ‘overste van de wereld’. Steeds weer lezen we in deze brief dat Satan tegenwerkt. Toch staat hier in vers3 dat wij ‘daartoe bestemd’ zijn. Niet Satan, maar onze God Zelf heeft het leven van de gelovige in Zijn hand. Wat een enorme bemoediging geeft het dat te weten! God heeft een plan met ons, met u en mij! Ook wanneer het gaat om moeite of zorg: durf ‘ja’ te zeggen in vertrouwen op God. Hij laat die dingen toe. Niet om ons te pijnigen. Niet omdat Hij ons niet liefheeft. Maar om ons, en de wereld om ons heen, te tonen wie Hij is: een God, die, als wij roepen, Zijn vaderhand op ons leggen zal. Zorg voor andere gelovigen is goed. We horen bij elkaar en wanneer iemand in de Gemeente lijdt, dan lijden de anderen mee. Paulus zond Timotheüs en Silas naar de verdrukte Thessalonicenzen om hen te versterken en moed in te spreken. Dat konden ze doen omdat ze de kracht van de Heere kenden in de grootste moeilijkheden. Silas had onlangs nog in de gevangenis te Filippi gezongen en hij kon getuigen van de wonderlijke uitredding van God. Zo moeten wij ook anderen in hun verdrukking aanmoedigen niet te wankelen, maar te vertrouwen op onze Heiland, die ons nooit in de steek laat. Lees 1 Thessalonicenzen 3:1-5. Groetjes, <>< Pieter.

woensdag 25 april 2012

Niet zonder gevolgen.

Daarom danken ook wij God zonder ophouden dat u, toen u van ons het gepredikte Woord van God hebt ontvangen, het ook aangenomen hebt, niet als een mensenwoord, maar (zoals het werkelijk is) als Gods Woord, dat ook werkzaam is in u die gelooft. 1 Thessalonika hfdst 2 vers 13. Hoe dikwijls zijn we het met uitspraken van van mensen niet oneens? We leggen de boodschap naast ons neer. Maar wat als Gods Woord tot je komt? De Thessalonicenzen namen Gods Woord ten volle aan. Ze erkenden: God Zelf spreekt tot ons. En dat was het begin van een radicaal nieuw leven, duidelijk zichtbaar voor iedereen. Als Gods Woord tot ons komt, geldt eerst: bereidwillig de boodschap aannemen. Ten tweede: het (dagelijks) voor onszelf in de Bijbel nagaan. Als derde: het Woord zijn werk laten doen aan ons geweten. Ten vierde: het geloven. Niet in het minst als vijfde: God ervoor danken! Lees hierbij: Handelingen hfdst 17:11,12. De Bijbel is Gods persoonlijke brief aan elk mens. Het aannemen van het Woord van God is geen vrijblijvende zaak. De Thessalonicenzen hebben het geweten! Niet alleen Paulus en de andere apostelen werden vervolgd, maar de overige gelovigen hadden ook veel te lijden. De Heere Jezus heeft gezegd: ‘In de wereld lijdt gij verdrukking, maar houdt goede moed; Ik heb de wereld overwonnen.’ Ondanks alle beproevingen van hun geloof konden ze in Hem overwinnaars zijn. Bij de komst van de Heere zal hun volhardend geloof ook tot blijdschap en eer van Paulus zijn. De vruchten van zijn werk zullen dan gezien worden. Zijn wij ook bereid om verdrukking te verdragen als gevolg van gehoorzaamheid? Ook onze vruchten van onze goede werken in geloof zullen dan zichtbaar zijn! Lees: 1 Thessalonicenzen 2:13-20. Groetjes, <>< Pieter.

vrijdag 6 april 2012

Waardig voor God.

God, Die onze harten beproeft. 1 Thessalonika hfdst. 2 vers einde vers 4. Paulus had in alle oprechtheid Gods eer en het heil van de Thessalonikers gezocht, en niet zichzelf. De wetenschap dat God het hart keurt, verontrustte Paulus daarom ook niet. Zijn geweten klaagde hem niet aan. Als dat wél het geval was geweest, had hij onmogelijk gelijktijdig een vader en een moeder voor hen kunnen zijn. Paulus gaf aan de Thessalonikers een voorbeeld van liefde en zelfopoffering. Dag en nacht werkte hij om anderen niet tot last te zijn. Dit nam niet weg, dat hij de gelovigen persoonlijk hoofd voor hoofd aanmoedigde hetzelfde te doen en als christenen een God waardig leven te leiden. Die hoogste norm wordt ons ook voorgehouden: ‘waardig voor God’. Het is de moeite waard om ons af te vragen: hoe zit het met ons, met mij? God, die ons roept tot Zijn eigen koninkrijk en heerlijkheid, heeft er recht op dat we ons inspannen om niet alleen een korte periode, maar voortdurend te leven tot Zijn eer. Lees 1 Thessalonicenzen 2:1-12. Groetjes, <>< Pieter.

zaterdag 24 maart 2012

over geloof

... ook in alle plaatsen heeft uw geloof in God zich verspreid, 1 Thessalonika hoofdstuk 1 vers 8.
'Eerst zien en dan geloven' en 'Geloven doe je in de kerk' en meer van dat soort onzin wordt er uitgesproken! We geloven in de dingen die we niet zien en ook is het geloof niet achter een kerkdeur te sluiten. Het geloof omvat bovendien zaken die je zeker kunt weten, terwijl in het dagelijkse werk lang niet alles zeker is. De echte vraag is waar het geloof zich op richt. Vers 8 vermeldt dat het geloof van de Thessalonikers zich richtte op God. Niet op Paulus of een van zijn medewerkers; niet in de eerste plaats op Paulus’ preken of brieven – maar op God. Dat was het geheim van hun krachtige getuigenis. Door de evangelieprediking van Paulus kwamen er in Thessalonika veel mensen tot geloof. De Gemeente groeide en bloeide. Geloof, hoop en liefde waren voor iedereen zichtbaar. De hele regio sprak erover. Het waren getuigende christenen. De bekering van de afgoden tot God was een realiteit. Het Woord des Heren klonk overal. Hoe beleeft u uw geloof? Is het een zaak van uw binnenkamer? Kom ermee voor de dag en laat iedereen weten dat u gelooft in Jezus Christus en dat u God wilt dienen.
Dan zal uw leven gekenmerkt worden door werk van geloof, inspanning der liefde en volharding der hoop! God geve het ons allen.
Lees 1 Thessalonicenzen 1:1-10
Groetjes,
<>< Pieter.

vrijdag 16 maart 2012

Tel uw zegeningen 1 voor 1

omdat de heiligen innerlijk door u verkwikt zijn, Filemon vers 7. Hoe aangenaam is het niet als we iets voor een ander mogen en willen betekenen. In een tijd waarin de ik-gerichtheid exponentieel toeneemt, kunnen en mogen gelovigen iets laten zien van de liefde van de Heere Jezus. Hij wilde ons dienen en als navolger van Hem heeft ook Filemon zich dienstbaar opgesteld. filemon was gastvrij: de gemeente mocht zelfs bij hem aan huis samenkomen! Waarschijnlijk heeft hij ook op andere manieren veel voor medegelovigen betekend. En dat werd opgemerkt, zelfs Paulus hoorde ervan en hij erdoor bemoedigd. Maar bovenal merkt God op wat wij voor anderen (en daarin voor Hem) willen doen. Zo mogen wij samen een leven leiden als gelovigen, tot zegen voor elkaar en tot eer van de Heere. ‘Ik dank mijn God, terwijl ik steeds in mijn gebeden aan u denk.’ (vers 4). Het is fijn dat Paulus zijn brieven bijna altijd begint met een dankzegging. Dat is heel leerzaam voor ons. Wij moeten beginnen de positieve dingen op te merken in ons eigen leven en misschien nog meer in dat van anderen, de dingen waarvoor wij God kunnen danken. En dan zijn er zoveel dingen waarvoor wij dankbaar kunnen zijn. Laten wij onze zegeningen maar eens tellen 1 voor 1. Paulus had een persoonlijke relatie met God. Kunt u het hem nazeggen: Ik dank mijn God? Onder alle omstandigheden, te allen tijde, mogen wij God danken. Lees Filemon:1-7. Groetjes, <>< Pieter.

maandag 12 maart 2012

Opgroeien in groeien

Maar groei in de genade en kennis van onze Heere en Zaligmaker Jezus Christus. 2 Petrus hfdst 3 vers 18. Een ernstige waarschuwing in dit derde hoofdstuk voor het gevaar van zedeloze mensen, die de woorden van de Bijbel verdraaien om hun eigen zondige gedrag te rechtvaardigen en om oprechte gelovigen in hun dwaling mee te slepen. Het is vandaag meer dan ooit zaak, standvastig te zijn en ons niet te laten beïnvloeden door al de verderfelijke praktijken om ons heen. Dat mag echter niet leiden tot een angstig ontvluchten van de soms harde werkelijkheid. We moeten veeleer groeien in het kennen van de Heere Jezus. Alleen dan zullen we veilig bewaard blijven. De apostel Petrus heeft in zijn beide Brieven nogal wat waarschuwende woorden laten horen. Dat was ook nodig, want God wil de christenen toerusten voor de eindtijd, dus ook voor ons die in die eindtijd leven. Het is dus belangrijk deze brieven nauwkeurig te bestuderen. Petrus heeft echter niet alleen gewaarschuwd, maar ook vol liefde gewezen op onze Heere en Heiland, Jezus Christus, die in staat is ons staande te houden. Enerzijds moeten we op onze hoede zijn voor al het verkeerde dat ook in de christenheid op ons af komt. Anderzijds is het voor ons van levensbelang dat we geestelijk groeien, en steeds meer ervaren Wie de Heere Jezus in al Zijn liefde en genade is. Lees 2 Petrus 3:10-18. Groetjes, <>< Pieter.

dinsdag 6 maart 2012

Komt Hij wel?

... Waar is de belofte van Zijn komst?... 2 Petrus hoofdstuk 3 vers 4. Zul je deze vraag wel durven stellen als je met verlangen uitziet naar de komst van de Heere. Het is weer de taal van de spotter die geen gehoor wil geven aan Gods liefdevolle oproep tot bekering. God heeft bij monde van profeten en apostelen gewaarschuwd voor ‘de dag van het oordeel en van het verderf van de goddeloze mensen’ (vers.7). Ook nu nog stelt Hij die vreselijke dag uit en geeft Hij aan iedereen nog de kans om zich te bekeren en zijn toevlucht te nemen tot de Heere Jezus. Hebt u het al gedaan? Nee? Laat u dan nu met God verzoenen! ‘maar Hij heeft geduld met ons en wil niet dat enigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen.’ (vers 9). Misschien is het vandaag de laatste dag van de genade-tijd. Tot op vandaag heeft God de gelegenheid gegeven het evangelie aan te nemen. Want God wil niet dat sommigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen. Hebben wij, gelovigen, echt alle kansen benut die de Heere ons gaf om van Hem te getuigen? Misschien hebben we vandaag voor het laatst de mogelijkheid om mensen te wijzen op de noodzaak zich te bekeren, en op het heil dat God in Christus aanbiedt. Het kan ook zijn dat u die dit bericht op deze blog als ongelovige leest of hoort voorlezen, op dit moment uw laatste kans krijgt het evangelie aan te nemen. Grijp toch die kans aub! Lees 2 Petrus 3:1-9 Groetjes, <>< Pieter.