Hoe zouden dan de Schriften vervuld worden dat het zo moet gebeuren? Mattheüs hfdst.26 vers 54
De gevangenneming van Christus is een aangrijpend onderdeel van de gebeurtenissen die leidden tot Zijn veroordeling en kruisiging. Toch was het beslist niet zo dat Hij al deze voor Hem zo uiterst pijnlijke gebeurtenissen nu maar passief onderging. Nee, Christus ging welbewust de weg van het lijden. Zonder te wankelen richtte Hij Zijn schreden naar Golgotha, om daar de wil van de Vader te volbrengen en voor schuldige zondaars te lijden en te sterven. De Schriften getuigden van de lijdende Knecht des Heeren, en nu was het moment van hun vervulling aangebroken. Het is een bijzondere arrestatie. Dat kan ook niet anders, want het betreft hier de Messias, de Zoon van God. Als we het nog eens rustig nalezen, wordt wel duidelijk waar de macht ligt. Niet bij de Joden, niet bij de Romeinen – die vallen allemaal op de grond, lezen we bij Johannes. De macht ligt bij de Heer Zelf. Hij laat Zich gevangennemen, geneest ondertussen nog een oor, vermaant Petrus en de hele menigte. Alles wat gebeurt, is vervulling van de profetieën. Zelfs de vlucht van de discipelen is voorzegd. De Heer vraagt dan ook niet om hulp van engelen. Hij wil Gods weg gaan. Daarvoor moet Hij alléén zijn.
Lees Mattheüs 26:47-56.
Groetjes,
<>< Pieter.
Jezus, jou vrede. Jezus is voor iedereen gekomen, zolang Hij niet terugkomt kan je kiezen voor Zijn oplossing voor jou problemen en jou leven. 1 voorwaarde maar: geloof in Hem! Lees hier verhalen en getuigenissen om niet aan voorbij te gaan.
Posts tonen met het label de Messisas. Alle posts tonen
Posts tonen met het label de Messisas. Alle posts tonen
vrijdag 3 december 2010
dinsdag 19 oktober 2010
En wat met het kwaad?
Zacharia 5-6
Het kwaad wordt veroordeeld (5:1-4).
De boekrol was ongeveer 9 meter lang en 4,5 meter breed, dus gemakkelijk te zien en te lezen. God veroordeelde de dieven en de leugenaars (de satan is allebei; Jh8:44). Deze zonden zijn overtredingen van het derde en het achtste gebod, en worden nog steeds veroordeeld door God (Ef4;25-28). Het kwaad wordt opgesloten (5:5-11). In de eindtijd zal er een concentratie van kwaad zijn in Babel, de laatste manifestatie van het goddeloze wereldsysteem (Op17-18). Het Hebreeuwse woord voor kwaad is vrouwelijk, hetgeen verklaart waarom er een vrouw werd gebruikt ter illustratie.
Het kwaad wordt onder controle gebracht (6:1-8).
Het visioen heeft een parallel in Zacharia 1:7-11 en herinnert ons eraan dat Gods dienende engelen toezicht houden over de hele aarde. Juda werd vaak binnengevallen vanuit het noorden, maar God bracht die volken tot rust, zodat het overblijfsel de tempel kon bouwen.
Het kwaad wordt overwonnen (6:9-15).
Drie Joden kwamen uit Babel naar Jeruzalem met goud en zilver voor de tempel, maar God droeg Zacharia op om er een kroon van te maken en die op Jozua’s hoofd te zetten, en hem te maken tot koning-priester! Geen enkele Joodse priester had ooit als koning geregeerd, en geen enkele koning was het toegestaan om dienst te doen als priester (2Kr26:16-21). Dit alles was symbolisch voor de komende Messias, de Koning-Priester (Ps110:4; Hb7:1-3), die vanuit de toekomstige heerlijke tempel (Ez40vv.) zou regeren. Zoals de drie mannen gaven brachten van ver weg, zo zouden de heidenen gaven brengen om de toekomstige tempel te helpen bouwen (Js60:4-7). Terwijl Haggaï de mensen bemoedigde bij hun dagelijks werk, spoorde Zacharia hen aan om ‘in de toekomende tijd’ te leven en te werken, omdat ze deel uitmaakten van Gods schitterende toekomst. ‘Een gelukkige hoop’ is een sterke motivatie voor dienst en trouw (Tt2:11-15).
Uit 'Elk hoofdstuk apart' van Warren W. Wiersbe.
Het kwaad wordt veroordeeld (5:1-4).
De boekrol was ongeveer 9 meter lang en 4,5 meter breed, dus gemakkelijk te zien en te lezen. God veroordeelde de dieven en de leugenaars (de satan is allebei; Jh8:44). Deze zonden zijn overtredingen van het derde en het achtste gebod, en worden nog steeds veroordeeld door God (Ef4;25-28). Het kwaad wordt opgesloten (5:5-11). In de eindtijd zal er een concentratie van kwaad zijn in Babel, de laatste manifestatie van het goddeloze wereldsysteem (Op17-18). Het Hebreeuwse woord voor kwaad is vrouwelijk, hetgeen verklaart waarom er een vrouw werd gebruikt ter illustratie.
Het kwaad wordt onder controle gebracht (6:1-8).
Het visioen heeft een parallel in Zacharia 1:7-11 en herinnert ons eraan dat Gods dienende engelen toezicht houden over de hele aarde. Juda werd vaak binnengevallen vanuit het noorden, maar God bracht die volken tot rust, zodat het overblijfsel de tempel kon bouwen.
Het kwaad wordt overwonnen (6:9-15).
Drie Joden kwamen uit Babel naar Jeruzalem met goud en zilver voor de tempel, maar God droeg Zacharia op om er een kroon van te maken en die op Jozua’s hoofd te zetten, en hem te maken tot koning-priester! Geen enkele Joodse priester had ooit als koning geregeerd, en geen enkele koning was het toegestaan om dienst te doen als priester (2Kr26:16-21). Dit alles was symbolisch voor de komende Messias, de Koning-Priester (Ps110:4; Hb7:1-3), die vanuit de toekomstige heerlijke tempel (Ez40vv.) zou regeren. Zoals de drie mannen gaven brachten van ver weg, zo zouden de heidenen gaven brengen om de toekomstige tempel te helpen bouwen (Js60:4-7). Terwijl Haggaï de mensen bemoedigde bij hun dagelijks werk, spoorde Zacharia hen aan om ‘in de toekomende tijd’ te leven en te werken, omdat ze deel uitmaakten van Gods schitterende toekomst. ‘Een gelukkige hoop’ is een sterke motivatie voor dienst en trouw (Tt2:11-15).
Uit 'Elk hoofdstuk apart' van Warren W. Wiersbe.
Abonneren op:
Posts (Atom)